DOELSTELLINGEN
In 1957 was het vijftig jaar geleden dat priester Adolf Daens overleed te
Aalst. Er werd toen als aandenken een standbeeld opgericht op het Werfplein te
Aalst, bekostigd met de giften van duizenden sympathisanten. Die bleven Daens
dankbaar omdat hij zich toendertijd totaal had ingezet voor de eenvoudige, vaak
arme Vlaamse arbeiders, boeren en middenstanders.
Uit het succes van die Daensherdenking ontstond in 1976 het Priester Daensfonds,
een instelling van openbaar nut. 
DOEL
Een volwaardige ontplooiing van de Vlaamse volksgemeenschap te bevorderen in de
geest van priester Daens en zijn medestanders. Als pluralistische vereniging,
aan geen enkele politieke of sociale groep gebonden, bestrijkt het actieterrein
van het Fonds geheel Vlaanderen.
Het Priester Daensfonds is een instelling met een duidelijke maatschappijvisie,
gebaseerd op het Daensistische erfgoed, die in de Daensistische Grondopvattingen
wordt weergegeven. Het wil de daarin geformuleerde opvattingen los van elke
partijpolitieke gebondenheid verspreiden in een sociale, culturele en opvoedende
actie op lange termijn.
De actualisering van dit gedachtengoed doet ons streven naar vier kernthema's
voor vandaag en morgen.
1. SOLIDARITEIT MET DE MEDEMENS
Ten gunste van de zwakkere medemensen of zij die maatschappelijk ten achterstaan
of onderdrukt worden zijn daadwerkelijke hulp en maatschappelijke
structuurveranderingen nodig. Daartoe is spreiding van kennis, macht en inkomen
vereist.
Iedere mens heeft recht op vrije ontplooiing van zijn totale persoonlijkheid en
de materiële voorzieningen om dit mogelijk te maken. De wereldproblematiek kan
hierbij niet buiten beschouwing worden gelaten.
2. ONTPLOOING VAN HET VLAAMSE VOLK
Garanties en stimulansen moeten worden gegeven opdat de ontplooiing van elke
persoon in vrijheid en verantwoordelijkheid kan plaatsvinden. Op politiek
terrein dient de invloed van elk lid der gemeenschap gewaarborgd te zijn.
De culturele en educatieve ontplooiing moet bevorderd worden, primair volgens de
specifieke behoeften en aanleg van ieder.
3. DEMOCRATISERING VAN DE SAMENLEVING
De inwoners moeten actief betrokken worden bij de ontwikkelingen in hun woon-,
werk- en leefomgeving en derhalve bij de besluitvorming van de plaatselijke en
regionale samenleving, de gemeenten, de arbeidsgemeenschappen en de
onderwijsinstellingen. De overheid moet onafhankelijk kunnen optreden ten
overstaan van de financiële belangengroepen en andere drukkingsgroepen.
4. DOORBREKING VAN VERZUILING OP ALLE GEBIED
De meningsvorming dient volledig vrij te zijn en vrij tot uiting te kunnen
komen, krachtens wettelijke garanties, zonder dat welke ideologische strekking
ook hieraan afbreuk kan doen. Verdraagzaamheid, zelfrespect, eerbied voor de
personen, gerichtheid op de samenleving vormen de basis van de vrije
gewetensontplooiing die steunt op opvoeding en beschaving.